Uitspraak
wonende te [woonplaats],
gevestigd te Amstelveen,
1.Het geding in feitelijke instanties
2.Het geding in cassatie
4.Beslissing
2 maart 2018.
Hoge Raad
De zaak betreft een geschil tussen eiser en het Stichting Alcatel-Lucent Pensioenfonds over het uitstel van de pensioendatum en de daarbij gehanteerde omrekenfactoren. Eiser stelde dat het pensioenfonds onrechtmatig handelde door de omrekenfactoren te verhogen en daarmee nadelig voor hem te beslissen.
In eerdere instanties oordeelde de kantonrechter en het gerechtshof Amsterdam dat het pensioenfonds binnen zijn bevoegdheid handelde en dat de toepassing van de omrekenfactoren en het uitstel van de pensioendatum redelijk en billijk was. De Hoge Raad verwijst naar deze eerdere uitspraken en bevestigt dat de klachten van eiser niet leiden tot cassatie.
De Hoge Raad stelt dat de klachten niet tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van rechtseenheid of rechtsontwikkeling leiden en verwerpt daarom het beroep. Tevens veroordeelt de Hoge Raad eiser in de kosten van het cassatiegeding.
Uitkomst: Het cassatieberoep van eiser wordt verworpen en het pensioenfonds wordt in het gelijk gesteld.