ECLI:NL:HR:2018:423

Hoge Raad

Datum uitspraak
23 maart 2018
Publicatiedatum
22 maart 2018
Zaaknummer
17/03066
Instantie
Hoge Raad
Type
Uitspraak
Uitkomst
Afwijzend
Procedures
  • Beschikking
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 81 lid 1 ROArt. 1:431 BWArt. 1:449 lid 2 BWArt. 149 Rv
Verwijzingen
6 uitgaand · 2 inkomend
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Verzoek tot cassatie tegen beschikking op onderbewindstelling en opheffing daarvan

De zaak betreft een verzoek tot cassatie tegen een beschikking van het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden over onderbewindstelling en de opheffing daarvan, zoals geregeld in het personen- en familierecht. De verzoeker heeft beroep in cassatie ingesteld tegen de beschikking van het hof, nadat de kantonrechter te Enschede eerder een beschikking had gegeven.

De Hoge Raad verwijst naar de eerdere beslissingen van de kantonrechter en het hof en constateert dat de klachten in het cassatiemiddel niet leiden tot cassatie. De advocaat-generaal heeft geadviseerd het beroep te verwerpen, waarop de verzoeker heeft gereageerd.

Gezien artikel 81 lid 1 van Pro het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering (RO) acht de Hoge Raad nadere motivering niet noodzakelijk, omdat de klachten niet leiden tot beantwoording van rechtsvragen die van belang zijn voor de rechtseenheid of rechtsontwikkeling.

De Hoge Raad wijst het cassatieberoep af en bevestigt daarmee de beschikking van het hof. De uitspraak is gedaan door de raadsheren van de Hoge Raad en in het openbaar uitgesproken.

Uitkomst: De Hoge Raad verwerpt het cassatieberoep en bevestigt de beschikking van het hof.

Uitspraak

23 maart 2018
Eerste Kamer
17/03066
TT/LZ
Hoge Raad der Nederlanden
Beschikking
in de zaak van:
[verzoeker] ,
wonende te [woonplaats],
VERZOEKER tot cassatie,
advocaat: mr. J. van Weerden,
t e g e n
SOLUTIO BEWIND B.V.,
gevestigd te Enschede,
BELANGHEBBENDE in cassatie,
niet verschenen.
Partijen zullen hierna ook worden aangeduid als [verzoeker] en Solutio.

1.Het geding in feitelijke instanties

Voor het verloop van het geding in feitelijke instanties verwijst de Hoge Raad naar de navolgende stukken:
a. de beschikking in de zaak 3794095 BH VERZ 15-914 van de kantonrechter te Enschede van 7 juni 2016;
b. de beschikking in de zaak 200.199.337 van het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden van 28 maart 2017.
De beschikking van het hof is aan deze beschikking gehecht.

2.Het geding in cassatie

Tegen de beschikking van het hof heeft [verzoeker] beroep in cassatie ingesteld. Het cassatierekest is aan deze beschikking gehecht en maakt daarvan deel uit.
Solutio heeft geen verweerschrift ingediend.
De conclusie van de Advocaat-Generaal B.J. Drijber strekt tot verwerping van het beroep.
De advocaat van [verzoeker] heeft bij brief van 2 februari 2018 op die conclusie gereageerd.

3.Beoordeling van het middel

De in het middel aangevoerde klachten kunnen niet tot cassatie leiden. Dit behoeft, gezien art. 81 lid 1 RO Pro, geen nadere motivering nu de klachten niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.

4.Beslissing

De Hoge Raad verwerpt het beroep.
Deze beschikking is gegeven door de raadsheren A.M.J. van Buchem-Spapens, als voorzitter, T.H. Tanja-van den Broek en H.M. Wattendorff, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer T.H. Tanja-van den Broek op
23 maart 2018.