ECLI:NL:HR:2018:892

Hoge Raad

Datum uitspraak
12 juni 2018
Publicatiedatum
8 juni 2018
Zaaknummer
16/06237
Instantie
Hoge Raad
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Strafrecht
Uitkomst
Afwijzend
Procedures
  • Cassatie
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 81 ROArt. 300 Sr
Verwijzingen
4 uitgaand · 2 inkomend
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Verwerping cassatieberoep in zaak mishandeling met dodelijke afloop in uitgaansgelegenheid

De zaak betreft een mishandeling met de dood tot gevolg die plaatsvond in een uitgaansgelegenheid in Zeeland. Verdachte werd door het gerechtshof 's-Hertogenbosch veroordeeld, waarna hij cassatieberoep instelde bij de Hoge Raad.

Het cassatieberoep richtte zich onder meer op de begrijpelijkheid van de strafmaatoverweging, de vraag of sprake was van beraadslaging in het onderzoek ter terechtzitting, en de verwerping van het beroep op noodweer. De Advocaat-Generaal concludeerde tot verwerping van het beroep.

De Hoge Raad oordeelde dat de middelen niet tot cassatie konden leiden en dat geen nadere motivering noodzakelijk was omdat de middelen geen rechtsvragen opriepen die van belang zijn voor rechtseenheid of rechtsontwikkeling. Het beroep werd derhalve verworpen en het arrest van het hof bleef in stand.

Uitkomst: Het cassatieberoep van verdachte wordt verworpen en het arrest van het hof blijft in stand.

Uitspraak

12 juni 2018
Strafkamer
nr. S 16/06237
ABO
Hoge Raad der Nederlanden
Arrest
op het beroep in cassatie tegen een arrest van het Gerechtshof 's-Hertogenbosch van 4 november 2016, nummer 20/000393-16, in de strafzaak tegen:
[verdachte], geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1966.

1.Geding in cassatie

Het beroep is ingesteld door de verdachte. Namens deze heeft J.J.J. van Rijsbergen, advocaat te Breda, bij schriftuur middelen van cassatie voorgesteld. De schriftuur is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.
De plaatsvervangend Advocaat-Generaal D.J.M.W. Paridaens heeft geconcludeerd tot verwerping van het beroep.

2.Beoordeling van de middelen

De middelen kunnen niet tot cassatie leiden. Dit behoeft, gezien art. 81, eerste lid, RO, geen nadere motivering nu de middelen niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.

3.Beslissing

De Hoge Raad verwerpt het beroep.
Dit arrest is gewezen door de vice-president J. de Hullu als voorzitter, en de raadsheren E.S.G.N.A.I. van de Griend en M.J. Borgers, in bijzijn van de griffier S.P. Bakker, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van
12 juni 2018.