ECLI:NL:HR:2019:1080

Hoge Raad

Datum uitspraak
9 juli 2019
Publicatiedatum
3 juli 2019
Zaaknummer
18/00521
Instantie
Hoge Raad
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Strafrecht
Uitkomst
Afwijzend
Procedures
  • Beschikking
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 1:37 Algemene DouanewetArt. 81 RO
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Verwerping cassatieberoep inzake beklag op beslag auto met verborgen ruimten

De zaak betreft een cassatieberoep ingesteld door klaagster tegen een beschikking van de Rechtbank Noord-Holland inzake een klaagschrift op grond van artikel 1:37 van Pro de Algemene Douanewet. Het beklag had betrekking op het beslag op een auto die was voorzien van verborgen ruimten, kennelijk ingericht om goederen aan het ambtelijk toezicht te onttrekken.

Klaagster stelde onder meer dat het beklag ongegrond was verklaard en dat zij niet in de gelegenheid was gesteld om de inspecteur van de Douane te horen. De Hoge Raad oordeelde dat de middelen van cassatie niet tot cassatie konden leiden en dat geen nadere motivering noodzakelijk was omdat er geen rechtsvragen in het belang van rechtseenheid of rechtsontwikkeling aan de orde waren.

De Hoge Raad verwerpt het cassatieberoep en bevestigt daarmee de beschikking van de Rechtbank Noord-Holland. De uitspraak werd gedaan door de vice-president en raadsheren van de Strafkamer van de Hoge Raad, in aanwezigheid van de waarnemend griffier.

Uitkomst: Het cassatieberoep wordt verworpen en de beschikking van de rechtbank wordt bevestigd.

Uitspraak

HOGE RAAD DER NEDERLANDEN
STRAFKAMER
Nummer18/00521
Datum9 juli 2019
BESCHIKKING
op het beroep in cassatie tegen een beschikking van de Rechtbank Noord-Holland, zittingsplaats Alkmaar, van 11 december 2017, nummer RK 17/006367, op een klaagschrift als bedoeld in art. 1:37 Algemene Pro douanewet, ingediend
door
[klaagster],
geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1992,
hierna: de klaagster.

1.Geding in cassatie

Het beroep is ingesteld door de klaagster. Namens deze heeft P.H.L.M. Souren, advocaat te Amsterdam, bij schriftuur middelen van cassatie voorgesteld. De schriftuur is aan deze beschikking gehecht en maakt daarvan deel uit.
De Advocaat-Generaal T.N.B.M. Spronken heeft geconcludeerd tot verwerping van het cassatieberoep.
De raadsman heeft daarop schriftelijk gereageerd.

2.Beoordeling van de middelen

De middelen kunnen niet tot cassatie leiden. Dit behoeft, gezien art. 81, eerste lid, RO, geen nadere motivering nu de middelen niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.

3.Beslissing

De Hoge Raad verwerpt het beroep.
Deze beschikking is gegeven door de vice-president W.A.M. van Schendel als voorzitter, en de raadsheren A.L.J. van Strien en M.T. Boerlage, in bijzijn van de waarnemend griffier H.J.S. Kea, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van
9 juli 2019.