ECLI:NL:HR:2019:1219
Hoge Raad
- Cassatie
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad herstelt proceskostenvergoeding bij gegrond hoger beroep in belastingzaak
Belanghebbende maakte bezwaar tegen de vastgestelde waarde van zijn onroerende zaak voor de onroerendezaakbelasting 2016. De heffingsambtenaar verlaagde de waarde na bezwaar, maar vergoedde geen kosten voor het taxatierapport dat belanghebbende had laten opstellen.
Het Gerechtshof Amsterdam verklaarde het hoger beroep gegrond en kende een vergoeding toe voor de kosten van het taxatierapport en het bezwaar, maar wees de proceskostenvergoeding voor het hoger beroep af omdat belanghebbende dit punt niet eerder had aangevoerd.
De Hoge Raad oordeelt dat het hof ten onrechte geen proceskostenvergoeding voor het hoger beroep heeft toegekend, aangezien partijen niet in geschil waren dat belanghebbende daarop recht had. De Hoge Raad vernietigt dit deel van het arrest en veroordeelt het College van Burgemeester en Wethouders van Amsterdam tot vergoeding van het griffierecht en de kosten van rechtsbijstand in cassatie en hoger beroep.
Uitkomst: De Hoge Raad herstelt de proceskostenvergoeding voor het hoger beroep en veroordeelt het College tot vergoeding van griffierecht en kosten rechtsbijstand.