ECLI:NL:HR:2019:1249

Hoge Raad

Datum uitspraak
19 juli 2019
Publicatiedatum
18 juli 2019
Zaaknummer
19/00696
Instantie
Hoge Raad
Type
Uitspraak
Uitkomst
Afwijzend
Procedures
  • Cassatie
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 81 Wet op de rechterlijke organisatie
Verwijzingen
2 uitgaand
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Hoge Raad verklaart beroep in cassatie ongegrond in bestuursrechtelijke zaak tegen gemeente Amsterdam

Belanghebbende heeft beroep in cassatie ingesteld tegen de uitspraak van de Rechtbank Amsterdam inzake verzet tegen een eerdere uitspraak. De Hoge Raad heeft de klachten van belanghebbende beoordeeld en geoordeeld dat deze niet tot cassatie kunnen leiden. Dit betekent dat de klachten niet zodanig zijn dat zij beantwoording van rechtsvragen in het belang van rechtseenheid of rechtsontwikkeling vereisen.

De Hoge Raad heeft daarom, conform artikel 81, lid 1, van de Wet op de rechterlijke organisatie, het beroep in cassatie ongegrond verklaard zonder nadere motivering. Tevens is besloten dat er geen aanleiding is voor een veroordeling in de proceskosten.

De uitspraak is gedaan door de raadsheer Fierstra als voorzitter, samen met de raadsheren Wortel en Beukers-van Dooren, en in het openbaar uitgesproken op 19 juli 2019. Hiermee blijft de uitspraak van de Rechtbank Amsterdam in stand.

Uitkomst: De Hoge Raad verklaart het beroep in cassatie ongegrond en bevestigt daarmee de uitspraak van de Rechtbank Amsterdam.

Uitspraak

HOGE RAAD DER NEDERLANDEN
BELASTINGKAMER
Nummer19/00696
Datum19 juli 2019
ARREST
In de zaak van
[X] te [Z] (hierna: belanghebbende)
tegen
het COLLEGE VAN BURGEMEESTERS EN WETHOUDERS VAN DE GEMEENTE AMSTERDAM
op het beroep in cassatie gericht tegen de uitspraak van de Rechtbank Amsterdam van 11 januari 2019, nr. AMS 17/6830 V, op het verzet van belanghebbende tegen de uitspraak van de Rechtbank van 20 juni 2018.

1.Geding in cassatie

Belanghebbende heeft tegen de uitspraak van de Rechtbank op het verzet beroep in cassatie ingesteld en daarbij een aantal klachten aangevoerd.

2.Beoordeling van de klachten

De klachten kunnen niet tot cassatie leiden. Dit behoeft, gezien artikel 81, lid 1, van de Wet op de rechterlijke organisatie, geen nadere motivering, nu de klachten niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.

3.Proceskosten

De Hoge Raad ziet geen aanleiding voor een veroordeling in de proceskosten.

4.Beslissing

De Hoge Raad verklaart het beroep in cassatie ongegrond.
Dit arrest is gewezen door de raadsheer M.A. Fierstra als voorzitter, en de raadsheren J. Wortel en A.F.M.Q. Beukers-van Dooren, in tegenwoordigheid van de waarnemend griffier F. Treuren, en in het openbaar uitgesproken op 19 juli 2019.