ECLI:NL:HR:2019:18

Hoge Raad

Datum uitspraak
8 januari 2019
Publicatiedatum
8 januari 2019
Zaaknummer
17/01588
Instantie
Hoge Raad
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Strafrecht
Uitkomst
Veroordeling
Procedures
  • Cassatie
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 81 ROArt. 2:405 Sr ArubaArt. 1.2 Landsverordening strafbaarstelling witwassenArt. 3.2 Landsverordening strafbaarstelling witwassen
Verwijzingen
4 uitgaand · 1 inkomend
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Verwerping cassatieberoep in gewoontewitwassenzaak tegen vonnis Gemeenschappelijk Hof Aruba

De verdachte, geboren in 1970, stelde cassatieberoep in tegen het vonnis van het Gemeenschappelijk Hof van Justitie van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba, gewezen op 6 februari 2017 in een strafzaak betreffende gewoontewitwassen.

Namens de verdachte diende advocaat G. de Hoogd middelen van cassatie in. De Advocaat-Generaal E.J. Hofstee concludeerde tot verwerping van het beroep. De raadsman van verdachte reageerde hier schriftelijk op.

De Hoge Raad oordeelde dat de middelen niet tot cassatie konden leiden en dat geen nadere motivering noodzakelijk was, omdat de middelen geen rechtsvragen opriepen die van belang waren voor rechtseenheid of rechtsontwikkeling.

Het arrest werd gewezen door de vice-president J. de Hullu als voorzitter en de raadsheren A.J.A. van Dorst en M.J. Borgers, en uitgesproken tijdens een openbare terechtzitting op 8 januari 2019.

Uitkomst: De Hoge Raad verwerpt het cassatieberoep en bevestigt het vonnis van het Gemeenschappelijk Hof van Justitie in de gewoontewitwassenzaak.

Uitspraak

8 januari 2019
Strafkamer
nr. S 17/01588 A
KD/CeH
Hoge Raad der Nederlanden
Arrest
op het beroep in cassatie tegen een vonnis van het Gemeenschappelijk Hof van Justitie van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba, van
6 februari 2017, nummer H 18/2016, in de strafzaak tegen:
[verdachte], geboren in [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1970.

1.Geding in cassatie

Het beroep is ingesteld door de verdachte. Namens deze heeft G. de Hoogd, advocaat te Aruba, bij schriftuur middelen van cassatie voorgesteld. De schriftuur is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.
De Advocaat-Generaal E.J. Hofstee heeft geconcludeerd tot verwerping van het beroep.
De raadsman heeft daarop schriftelijk gereageerd.
2. Beoordeling van de middelen
De middelen kunnen niet tot cassatie leiden. Dit behoeft, gezien art. 81, eerste lid, RO, geen nadere motivering nu de middelen niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.

3.Beslissing

De Hoge Raad verwerpt het beroep.
Dit arrest is gewezen door de vice-president J. de Hullu als voorzitter, en de raadsheren A.J.A. van Dorst en M.J. Borgers, in bijzijn van de waarnemend griffier E. Schnetz, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van
8 januari 2019.