Belanghebbende heeft beroep in cassatie ingesteld tegen een uitspraak van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State, die ging over een verzoek om informatie op grond van de Wet openbaarheid van bestuur. De Hoge Raad heeft beoordeeld of het beroep in cassatie ontvankelijk is.
Volgens artikel 78, lid 4, van de Wet op de rechterlijke organisatie kan de Hoge Raad alleen kennisnemen van cassatieberoepen tegen uitspraken van de administratieve rechter indien dit bij wet is bepaald. In deze zaak bestaat geen wettelijke grondslag voor cassatie tegen uitspraken van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State.
Daarom verklaart de Hoge Raad het beroep in cassatie niet-ontvankelijk. Tevens ziet de Hoge Raad geen aanleiding om proceskosten toe te wijzen. Het arrest is gewezen door de raadsheren Wortel, Beukers-van Dooren en Cools en in het openbaar uitgesproken op 29 maart 2019.