Uitspraak
1.Geding in cassatie
2.Beoordeling van het eerste middel
(= All Cops Are Bastards).”
3.Beoordeling van het tweede middel
4.Beslissing
11 juni 2019.
Hoge Raad
De zaak betreft een verdachte die op 25 juli 2015 te Amsterdam een jas droeg met daarop de tekst A.C.A.B., een afkorting die volgens het hof staat voor 'All Cops Are Bastards'. Deze jas droeg hij zichtbaar tijdens het kraken van een woning, waarbij hij zich als voorman van de groep krakers aan de politieambtenaren presenteerde en hen ongevraagd aansprak.
Het hof stelde vast dat verdachte bewust de aanmerkelijke kans aanvaardde dat hij politieambtenaren zou beledigen door het dragen van de jas met het opschrift. De verdachte weigerde een alternatieve betekenis van de letters te geven, waardoor het hof aannam dat hij de beledigende betekenis kende. De Hoge Raad bevestigde dat het dragen van de jas met deze tekst in deze context een opzettelijke belediging van ambtenaren in functie vormt.
De verdediging voerde aan dat A.C.A.B. niet altijd beledigend is en dat het recht op vrijheid van meningsuiting dit gedrag zou beschermen. Dit verweer werd verworpen omdat de uiting onnodig grievend is en de strafbaarheid ervan noodzakelijk wordt geacht in een democratische samenleving. Het cassatieberoep werd verworpen en het arrest van het hof bevestigd.
Uitkomst: Het cassatieberoep van verdachte wordt verworpen; het dragen van de jas met A.C.A.B. is een opzettelijke belediging van politieambtenaren.