ECLI:NL:HR:2020:1922
Hoge Raad
- Cassatie
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad verklaart beroep in cassatie ongegrond inzake naheffingsaanslag kansspelbelasting
Belanghebbende stelde beroep in cassatie in tegen het arrest van het Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, waarin het hof het hoger beroep van de Inspecteur tegen een uitspraak van de Rechtbank Gelderland inzake een naheffingsaanslag kansspelbelasting over januari 2015 behandelde.
De Hoge Raad heeft de ingediende middelen beoordeeld en geoordeeld dat deze niet leiden tot vernietiging van het hofarrest. De Hoge Raad motiveert dit oordeel niet, omdat beantwoording van de vragen niet noodzakelijk is voor de eenheid of ontwikkeling van het recht, conform artikel 81 lid 1 van Pro de Wet op de rechterlijke organisatie.
De Hoge Raad ziet geen aanleiding om proceskosten toe te wijzen en verklaart het cassatieberoep ongegrond. Het arrest is gewezen door de vice-president en raadsheren van de Hoge Raad op 4 december 2020.
Uitkomst: Het beroep in cassatie wordt ongegrond verklaard.