Deze zaak betreft de vraag of aandeelhouders die bevoegd zijn een enquêteverzoek in te dienen tegen een vennootschap ook een verzoek kunnen doen tot onderzoek van een verbonden rechtspersoon binnen hetzelfde concern, hier SNS Reaal en haar dochter SNS Bank.
De Ondernemingskamer had een onderzoek bevolen naar het beleid en de gang van zaken van SNS Reaal en SNS Bank over de periode 2006-2013, met name met betrekking tot Property Finance. De Kamer oordeelde dat ondanks enige zelfstandigheid van SNS Bank, het beleid van SNS Bank mede door SNS Reaal werd bepaald en dat de belangen van aandeelhouders van SNS Reaal daardoor ook door het beleid van SNS Bank worden geraakt.
De Hoge Raad bevestigt dit oordeel en wijst erop dat de wettelijke kapitaaleis ziet op aandelen in de vennootschap waarop het verzoek betrekking heeft, maar dat onder omstandigheden ook aandeelhouders van de moedermaatschappij bevoegd kunnen zijn tot een concernenquête. De Hoge Raad benadrukt dat het aankomt op de economische werkelijkheid en dat een concernenquête mogelijk is als de vennootschappen in een groep zijn verbonden en het beleid van de dochter mede door de moeder wordt bepaald.
De Hoge Raad verwerpt het cassatieberoep van de Staat c.s. en bevestigt dat VEB c.s. bevoegd zijn tot het indienen van het enquêteverzoek tegen SNS Bank. Verder worden de proceskosten aan de zijde van VEB c.s. en ROOS c.s. toegewezen.