ECLI:NL:HR:2020:786
Hoge Raad
- Artikel 80a RO-zaken
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad verklaart cassatieberoep niet-ontvankelijk in belastingzaak over navorderingsaanslagen
Belanghebbende maakte bezwaar tegen navorderingsaanslagen inkomstenbelasting en premie volksverzekeringen over de jaren 2013 en 2014, inclusief de daarbij gegeven beschikkingen inzake belastingrente. Na uitspraak van de Rechtbank Den Haag werd hoger beroep ingesteld bij het Gerechtshof Den Haag, dat op 12 juni 2019 uitspraak deed. Belanghebbende stelde vervolgens cassatieberoep in bij de Hoge Raad.
De Hoge Raad heeft het cassatieberoep inhoudelijk beoordeeld en geoordeeld dat het beroep duidelijk niet kan slagen. Op basis van artikel 80a van de Wet op de rechterlijke organisatie maakte de Hoge Raad gebruik van de mogelijkheid om het beroep zonder verdere motivering niet-ontvankelijk te verklaren.
De Hoge Raad zag geen aanleiding om proceskosten aan belanghebbende op te leggen. Het arrest werd gewezen door de raadsheer Fierstra als voorzitter, samen met de raadsheren Wortel en Beukers-van Dooren, en in het openbaar uitgesproken op 24 april 2020.
Uitkomst: Het cassatieberoep wordt niet-ontvankelijk verklaard met toepassing van artikel 80a RO.