ECLI:NL:HR:2020:822
Hoge Raad
- Cassatie
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad verklaart beroep in cassatie ongegrond inzake naheffingsaanslag motorrijtuigenbelasting
In deze zaak heeft de Staatssecretaris van Financiën beroep in cassatie ingesteld tegen een uitspraak van het Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, die het hoger beroep behandelde van belanghebbende tegen een naheffingsaanslag in de belasting van personenauto's en motorrijwielen.
De Hoge Raad heeft het middel van de Staatssecretaris beoordeeld en dit verworpen op de gronden die zijn vermeld in een gelijktijdig gewezen arrest (zaaknummer 18/02168). Hierdoor werd het beroep in cassatie ongegrond verklaard.
De Hoge Raad zag geen aanleiding om de Staatssecretaris te veroordelen in de proceskosten. Tevens werd een griffierecht van € 508 geheven van de Staatssecretaris.
De uitspraak bevestigt de eerdere beslissingen van de lagere rechterlijke instanties en sluit het geschil over de naheffingsaanslag definitief af.
Uitkomst: Het beroep in cassatie van de Staatssecretaris van Financiën wordt ongegrond verklaard.