Uitspraak
GERECHTSHOF ARNHEM - LEEUWARDEN
[Z](hierna: belanghebbende)
inspecteurvan de
Belastingdienst/Kantoor Emmen(hierna: de Inspecteur)
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
Belanghebbende, een handelsonderneming, kreeg een naheffingsaanslag BPM opgelegd voor een ingevoerde schadeauto. De rechtbank had de aanslag verminderd, maar het Gerechtshof vernietigt deze uitspraak en stelt de aanslag verder bij op basis van een lagere BPM, berekend met het historische tarief van 2012-1.
Het geschil betrof onder meer de invloed van de schade op de handelsinkoopwaarde, de toepassing van het vertrouwensbeginsel, en de rechtmatigheid van de naheffingstermijn van vijf jaar. Het Hof oordeelt dat de Inspecteur zijn bevoegdheid niet heeft verspeeld en dat de naheffing niet in strijd is met het Unierecht.
Daarnaast wordt vastgesteld dat niet alle herstelkosten volledig in mindering mogen worden gebracht op de handelsinkoopwaarde en dat het tarief 2012-1 toegepast moet worden om discriminatie te voorkomen. Het Hof wijst het verzoek om vergoeding wegens late inzending van het verweerschrift af, maar kent proceskostenvergoeding toe voor de behandeling van het hoger beroep en de inzet van een deskundige.
De uitspraak van de rechtbank wordt vernietigd, de naheffingsaanslag verminderd tot € 297 en de Inspecteur wordt veroordeeld tot vergoeding van proceskosten en griffierecht.
Uitkomst: Het Hof vermindert de naheffingsaanslag BPM tot € 297 en wijst proceskostenvergoeding toe aan belanghebbende.