ECLI:NL:HR:2020:863
Hoge Raad
- Cassatie
- R.J. Koopman
- E.N. Punt
- L.F. van Kalmthout
- M.E. van Hilten
- E.F. Faase
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad verklaart beroep in cassatie ongegrond in omzetbelastingzaak
Belanghebbende, bestaande uit meerdere B.V.'s, had beroep ingesteld tegen een uitspraak van het Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden inzake het door hen op aangifte betaalde bedrag aan omzetbelasting over het tijdvak oktober 2010.
De Hoge Raad heeft het ingediende cassatiemiddel beoordeeld en geoordeeld dat dit middel niet leidt tot vernietiging van het hofarrest. De Hoge Raad achtte het niet noodzakelijk om het middel inhoudelijk te motiveren, omdat het niet van belang was voor de eenheid of ontwikkeling van het recht, conform artikel 81, lid 1, van de Wet op de rechterlijke organisatie.
Verder heeft de Hoge Raad geen aanleiding gezien om proceskosten toe te wijzen. Het arrest werd uitgesproken door de vice-president en vier raadsheren, in aanwezigheid van de waarnemend griffier, op 15 mei 2020.
Uitkomst: Het beroep in cassatie van belanghebbende wordt ongegrond verklaard.