ECLI:NL:HR:2020:940
Hoge Raad
- Cassatie
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad verklaart beroep in cassatie ongegrond inzake onroerendezaakbelasting Amsterdam 2015
Belanghebbende heeft beroep in cassatie ingesteld tegen het arrest van het Gerechtshof Amsterdam van 9 juli 2019, waarin het hof het hoger beroep behandelde over de beschikking en aanslag onroerendezaakbelasting 2015 van de gemeente Amsterdam betreffende een onroerende zaak aan een adres te Amsterdam.
Het college van burgemeester en wethouders van Amsterdam heeft verweer gevoerd en het geschil betrof de waardering van de onroerende zaak en de daarop gebaseerde belastingaanslag. De Hoge Raad heeft de aangevoerde klachten van belanghebbende beoordeeld maar geoordeeld dat deze niet leiden tot vernietiging van het hofarrest.
De Hoge Raad heeft geen motivering gegeven voor dit oordeel, omdat de klachten niet relevant zijn voor de eenheid of ontwikkeling van het recht volgens artikel 81, lid 1, van de Wet op de rechterlijke organisatie. Er is geen proceskostenveroordeling opgelegd. Het arrest is op 29 mei 2020 in het openbaar gewezen door de raadsheren Fierstra, Wortel en Beukers-van Dooren.
Uitkomst: Het cassatieberoep wordt ongegrond verklaard en het arrest van het Gerechtshof Amsterdam bevestigd.