ECLI:NL:HR:2020:960

Hoge Raad

Datum uitspraak
29 mei 2020
Publicatiedatum
28 mei 2020
Zaaknummer
19/02516
Instantie
Hoge Raad
Type
Uitspraak
Uitkomst
Afwijzend
Procedures
  • Cassatie
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 81 lid 1 RO
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Hoge Raad bevestigt gezag van gewijsde arbitraal vonnis in verrekening vordering

In deze zaak heeft AA Accountants cassatieberoep ingesteld tegen een arrest van het gerechtshof Den Haag waarin werd geoordeeld over de vraag of een beroep op een in verrekening te brengen vordering wordt belemmerd door het gezag van gewijsde van een arbitraal vonnis.

De Hoge Raad verwijst voor het procesverloop naar eerdere uitspraken, waaronder het arrest van 23 maart 2018 (ECLI:NL:HR:2018:428) en het arrest van het hof Den Haag van 26 februari 2019. De klachten van AA Accountants tegen het hof worden beoordeeld, maar leiden niet tot vernietiging van het arrest.

De Hoge Raad motiveert zijn oordeel niet uitvoerig, omdat het niet nodig is voor de eenheid of ontwikkeling van het recht volgens artikel 81 lid 1 van Pro de Wet op de rechterlijke organisatie. Het cassatieberoep wordt verworpen en AA Accountants wordt veroordeeld in de kosten van het geding, die nihil zijn vastgesteld.

Het arrest is gewezen door de vicepresident en vier raadsheren en in het openbaar uitgesproken door raadsheer du Perron op 29 mei 2020.

Uitkomst: Het cassatieberoep van AA Accountants wordt verworpen en het arrest van het hof blijft in stand.

Uitspraak

HOGE RAAD DER NEDERLANDEN
CIVIELE KAMER
Nummer19/02516
Datum29 mei 2020
ARREST
In de zaak van
AAN DE AMSTEL ACCOUNTANTS B.V.,
gevestigd te Ouder-Amstel,
EISERES tot cassatie,
hierna: AA Accountants,
advocaat: T.T. van Zanten,
tegen
[verweerster] B.V.,
gevestigd te [vestigingsplaats],
VERWEERSTER in cassatie,
hierna: [verweerster],
niet verschenen.
1. Procesverloop
Voor het verloop van het geding in feitelijke instanties verwijst de Hoge Raad naar:
zijn arrest tussen partijen in de zaak 17/01075, ECLI:NL:HR:2018:428, van 23 maart 2018;
het arrest in de zaak 200.239.569 van het gerechtshof Den Haag van 26 februari 2019.
AA Accountants heeft tegen het arrest van het hof beroep in cassatie ingesteld.
Tegen [verweerster] is verstek verleend.
De conclusie van de Advocaat-Generaal W.L. Valk strekt tot verwerping van het cassatieberoep.
De advocaat van AA Accountants heeft schriftelijk op die conclusie gereageerd.

2.Beoordeling van het middel

De Hoge Raad heeft de klachten over het arrest van het hof beoordeeld. De uitkomst hiervan is dat deze klachten niet kunnen leiden tot vernietiging van dat arrest. De Hoge Raad hoeft niet te motiveren waarom hij tot dit oordeel is gekomen. Bij de beoordeling van deze klachten is het namelijk niet nodig om antwoord te geven op vragen die van belang zijn voor de eenheid of de ontwikkeling van het recht (zie artikel 81 lid 1 van Pro de Wet op de rechterlijke organisatie).

3.Beslissing

De Hoge Raad:
  • verwerpt het beroep;
  • veroordeelt AA Accountants in de kosten van het geding in cassatie, tot op deze uitspraak aan de zijde van [verweerster] begroot op nihil.
Dit arrest is gewezen door de vicepresident C.A. Streefkerk als voorzitter en de raadsheren T.H. Tanja-van den Broek, C.E. du Perron, M.J. Kroeze en H.M. Wattendorff, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer C.E. du Perron op
29 mei 2020.