ECLI:NL:HR:2021:1256

Hoge Raad

Datum uitspraak
21 september 2021
Publicatiedatum
14 september 2021
Zaaknummer
19/04687
Instantie
Hoge Raad
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Strafrecht
Uitkomst
Veroordeling
Procedures
  • Cassatie
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 137.1° WMSrArt. 81 lid 1 RO
Verwijzingen
2 uitgaand · 1 inkomend
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Cassatie in militaire strafzaak over nalatig opvolgen dienstvoorschrift met ongewild schot

In deze militaire strafzaak stond de vraag centraal of de verdachte strafrechtelijk verwijtbaar nalatig was geweest door een dienstvoorschrift niet op te volgen, waardoor een ongewild schot werd gelost en gemeen gevaar voor personen of goederen ontstond.

De verdachte stelde in cassatie onder meer dat het hof ten onrechte had bewezenverklaard dat hij in ernstige mate nalatig was en dat hem geen strafrechtelijk verwijt kon worden gemaakt. De advocaat-generaal adviseerde tot verwerping van het cassatieberoep.

De Hoge Raad oordeelde dat de klachten van de verdachte niet tot vernietiging van het arrest van het gerechtshof konden leiden. Het hof had het bewijs en de rechtsvragen voldoende zorgvuldig en juist beoordeeld. De Hoge Raad hoefde geen nadere motivering te geven vanwege artikel 81 lid 1 RO Pro.

Het cassatieberoep werd verworpen, waarmee het arrest van het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden in stand bleef. De strafrechtelijke aansprakelijkheid van de verdachte wegens culpoos niet opvolgen van het dienstvoorschrift werd bevestigd.

Uitkomst: Het cassatieberoep wordt verworpen en het arrest van het hof wordt bevestigd.

Uitspraak

HOGE RAAD DER NEDERLANDEN
STRAFKAMER
Nummer19/04687 M
Datum21 september 2021
ARREST
op het beroep in cassatie tegen een arrest van het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, militaire kamer, van 10 oktober 2019, nummer 21-006272-18, in de strafzaak
tegen
[verdachte] ,
geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1984,
hierna: de verdachte.

1.Procesverloop in cassatie

Het beroep is ingesteld door de verdachte. Namens deze heeft S.M. Diekstra, advocaat te Leiden, bij schriftuur cassatiemiddelen voorgesteld. De schriftuur is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.
De advocaat-generaal E.J. Hofstee heeft geconcludeerd tot verwerping van het beroep.

2.Beoordeling van de cassatiemiddelen

De Hoge Raad heeft de klachten over de uitspraak van het hof beoordeeld. De uitkomst hiervan is dat deze klachten niet kunnen leiden tot vernietiging van die uitspraak. De Hoge Raad hoeft niet te motiveren waarom hij tot dit oordeel is gekomen. Bij de beoordeling van deze klachten is het namelijk niet nodig om antwoord te geven op vragen die van belang zijn voor de eenheid of de ontwikkeling van het recht (zie artikel 81 lid 1 van Pro de Wet op de rechterlijke organisatie).

3.Beslissing

De Hoge Raad verwerpt het beroep.
Dit arrest is gewezen door de vice-president J. de Hullu als voorzitter, en de raadsheren A.L.J. van Strien en A.E.M. Röttgering, in bijzijn van de waarnemend griffier B.C. Broekhuizen-Meuter, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van
21 september 2021.