ECLI:NL:HR:2021:135
Hoge Raad
- Cassatie
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad verklaart beroep in cassatie ongegrond inzake inkomstenbelasting 2014
Belanghebbende heeft tegen het arrest van het Gerechtshof Amsterdam in hoger beroep beroep in cassatie ingesteld bij de Hoge Raad. Het geschil betreft de aanslag inkomstenbelasting en premie volksverzekeringen over het jaar 2014.
De Hoge Raad heeft de ingediende middelen beoordeeld en geoordeeld dat deze niet tot vernietiging van het hofarrest kunnen leiden. De Hoge Raad achtte het niet nodig om de gronden nader te motiveren omdat de zaak niet van belang is voor de eenheid of ontwikkeling van het recht, conform artikel 81 lid 1 van Pro de Wet op de rechterlijke organisatie.
De Hoge Raad heeft verder geen aanleiding gezien om proceskosten toe te wijzen en verklaart het beroep in cassatie ongegrond. Het arrest is op 29 januari 2021 in het openbaar uitgesproken door de vice-president en raadsheren van de belastingkamer.
Uitkomst: Het beroep in cassatie wordt ongegrond verklaard en het hofarrest blijft in stand.