ECLI:NL:HR:2021:1441
Hoge Raad
- Cassatie
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad bevestigt uitspraak over belasting op personenauto’s en motorrijwielen
Belanghebbende, een besloten vennootschap, had beroep ingesteld tegen uitspraken van het Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden inzake door haar betaalde belasting op personenauto’s en motorrijwielen. De zaak betrof de vraag of de door belanghebbende op aangifte voldane bedragen aan belasting terecht waren opgelegd.
De Hoge Raad heeft de ingediende cassatiemiddelen beoordeeld en geoordeeld dat deze niet leiden tot vernietiging van het hofarrest. Daarbij is geen nadere motivering gegeven, omdat de zaak niet van belang is voor de eenheid of ontwikkeling van het recht, conform artikel 81, lid 1, van de Wet op de rechterlijke organisatie.
De Hoge Raad heeft tevens besloten dat er geen aanleiding is om proceskosten aan belanghebbende toe te kennen. Het arrest is in het openbaar uitgesproken op 1 oktober 2021 door de vice-president en twee raadsheren van de Hoge Raad.
Uitkomst: Het cassatieberoep van belanghebbende wordt ongegrond verklaard en het hofarrest bekrachtigd.