Uitspraak
1.Procesverloop in cassatie
2.Beoordeling van het cassatiemiddel
3.Beslissing
23 november 2021.
Hoge Raad
In deze strafzaak stond de vraag centraal of het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden terecht vervangende hechtenis van 365 dagen had opgelegd bij een schadevergoedingsmaatregel aan de verdachte. De verdachte was veroordeeld voor valsheid in geschrift en verduistering, meermalen gepleegd.
De advocaat-generaal concludeerde tot vernietiging van het hofarrest voor zover de vervangende hechtenis werd toegepast en stelde dat de maximale duur van gijzeling conform artikel 6:4:20 Sv Pro ten hoogste één jaar kan bedragen, waarbij een jaar gelijkgesteld moet worden aan 360 dagen. De Hoge Raad volgde deze conclusie en vernietigde het hofarrest voor zover het de vervangende hechtenis betrof.
De Hoge Raad bepaalde dat gijzeling bij een schadevergoedingsmaatregel maximaal 360 dagen mag duren en verwierp het cassatieberoep voor het overige. Hiermee werd de juridische duidelijkheid over de maximale duur van gijzeling bij schadevergoedingsmaatregelen bevestigd.
Het arrest werd uitgesproken door de vice-president en twee raadsheren tijdens een openbare terechtzitting op 23 november 2021.
Uitkomst: De Hoge Raad vernietigt het hofarrest voor zover vervangende hechtenis langer dan 360 dagen is opgelegd en bepaalt dat gijzeling maximaal één jaar mag duren.