Uitspraak
1.Procesverloop in cassatie
2.Beoordeling van het cassatiemiddel
3.Beslissing
14 december 2021.
Hoge Raad
In deze zaak heeft het openbaar ministerie cassatie ingesteld tegen een arrest van het gerechtshof Den Haag waarin werd geoordeeld dat de tenlastegelegde stof, produced water afkomstig uit Angola, valt onder het Marpol-verdrag en daarom is uitgezonderd van de werking van de EVOA op grond van artikel 1.3.a.
De raadsman van de verdachte heeft het cassatieberoep van het OM bestreden, terwijl de advocaat-generaal heeft geconcludeerd tot verwerping van het beroep. De Hoge Raad heeft de klachten van het OM beoordeeld en geoordeeld dat deze niet leiden tot vernietiging van het hofarrest.
De Hoge Raad heeft daarbij verwezen naar een samenhangende zaak (ECLI:NL:HR:2021:1862) en heeft op grond van artikel 81 lid 1 van Pro de Wet op de rechterlijke organisatie besloten niet in te gaan op vragen die van belang zijn voor de eenheid of ontwikkeling van het recht.
Het arrest is uitgesproken door de vice-president en raadsheren van de Strafkamer van de Hoge Raad op 14 december 2021, waarbij het cassatieberoep is verworpen.
Uitkomst: Het cassatieberoep van het openbaar ministerie is verworpen, het hofarrest blijft in stand.