Uitspraak
1.Procesverloop in cassatie
2.Waar het in deze zaak om gaat
6.Beslissing
16 februari 2021.
Hoge Raad
In deze zaak werd een politieagent veroordeeld voor mishandeling met de dood tot gevolg nadat hij tijdens een muziekfestival in Den Haag in 2015 een nekklem toepaste op een arrestant die later overleed.
Het hof oordeelde dat de nekklem, die gedurende ten minste 75 seconden met kracht werd toegepast, niet proportioneel en subsidiariteit was overschreden. Hierdoor was geen beroep mogelijk op de strafuitsluitingsgrond van artikel 42 Sr Pro. De verdachte werd veroordeeld tot een voorwaardelijke gevangenisstraf van zes maanden.
De Hoge Raad bevestigde dit oordeel en benadrukte dat het gebruik van de nekklem, gezien de risico's en de aanwezigheid van andere agenten die de arrestant onder controle hadden, onrechtmatig was. Tevens vernietigde de Hoge Raad het hofsvonnis voor zover het de wettelijke rente over een schadevergoeding aan een benadeelde partij niet toekende en bepaalde dat deze rente met ingang van specifieke data moest worden toegekend.
De overige klachten van de verdachte en benadeelden werden verworpen. De identiteit van de verdachte werd afgeschermd vanwege bedreigingen.
Uitkomst: Politieagent veroordeeld tot voorwaardelijke gevangenisstraf van zes maanden wegens mishandeling met dood tot gevolg door langdurige nekklem.