ECLI:NL:HR:2021:249
Hoge Raad
- Cassatie
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad verklaart beroep in cassatie ongegrond inzake informatiebeschikkingen belastingrecht
Belanghebbende heeft in cassatie beroep ingesteld tegen het arrest van het Gerechtshof 's-Hertogenbosch van 6 februari 2020, waarin het hof het hoger beroep van belanghebbende tegen uitspraken van de Rechtbank Zeeland-West-Brabant inzake informatiebeschikkingen van de Staatssecretaris van Financiën heeft behandeld.
De Hoge Raad heeft de ingediende middelen beoordeeld en geoordeeld dat deze niet leiden tot vernietiging van het hofarrest. De Hoge Raad achtte het niet noodzakelijk om de motivering van dit oordeel te geven, omdat de vragen niet van belang zijn voor de eenheid of ontwikkeling van het recht, conform artikel 81, lid 1, van de Wet op de rechterlijke organisatie.
Ten aanzien van de proceskosten heeft de Hoge Raad geen aanleiding gezien om belanghebbende te veroordelen.
Het arrest is gewezen door de raadsheer Fierstra als voorzitter en de raadsheren Wortel en Beukers-van Dooren, en in het openbaar uitgesproken op 19 februari 2021.
Uitkomst: Het beroep in cassatie van belanghebbende wordt ongegrond verklaard.