ECLI:NL:HR:2021:291
Hoge Raad
- Cassatie
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad verklaart beroep in cassatie ongegrond inzake aanslag inkomstenbelasting 2016
Belanghebbende stelde beroep in cassatie in tegen het arrest van het Gerechtshof 's-Hertogenbosch inzake de aanslag inkomstenbelasting en premie volksverzekeringen over het jaar 2016, inclusief de beschikking over belastingrente. De Hoge Raad heeft de ingediende klachten van belanghebbende beoordeeld, maar geoordeeld dat deze niet leiden tot vernietiging van het hofarrest.
De Hoge Raad achtte het niet noodzakelijk om de klachten nader te motiveren, omdat de vragen niet van belang zijn voor de eenheid of ontwikkeling van het recht, conform artikel 81, lid 1, van de Wet op de rechterlijke organisatie. Er is geen aanleiding gezien om proceskosten toe te wijzen.
Het arrest is gewezen door de vice-president en twee raadsheren en in het openbaar uitgesproken op 26 februari 2021. Hiermee blijft de uitspraak van het hof in stand en wordt het beroep in cassatie ongegrond verklaard.
Uitkomst: Het beroep in cassatie wordt ongegrond verklaard en het hofarrest bevestigd.