ECLI:NL:HR:2021:514

Hoge Raad

Datum uitspraak
13 april 2021
Publicatiedatum
7 april 2021
Zaaknummer
20/01503
Instantie
Hoge Raad
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Strafrecht
Uitkomst
Niet-ontvankelijk
Procedures
  • Cassatie
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 416.2 SvArt. 107.1 WVW 1994
Verwijzingen
5 uitgaand · 1 inkomend
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Vernietiging en terugwijzing wegens onjuist verstekverlenen bij detentie in buitenland

De verdachte werd in hoger beroep behandeld voor rijden zonder rijbewijs. Tijdens de zitting in hoger beroep was de verdachte gedetineerd in België in verband met een andere strafzaak, waardoor hij niet aanwezig kon zijn. Het hof verleende verstek omdat alleen een niet gemachtigde raadsman verscheen.

De advocaat-generaal concludeerde dat het verstek verlenen onjuist was, omdat de verdachte niet vrijwillig afstand had gedaan van zijn recht op aanwezigheid en het belang van aanwezigheid groot is. De Hoge Raad volgde dit en vernietigde het arrest van het hof.

De zaak werd terugverwezen naar het gerechtshof ’s-Hertogenbosch voor een nieuwe behandeling in aanwezigheid van de verdachte. Hiermee wordt het recht op aanwezigheid en een eerlijk proces gewaarborgd, vooral gezien de detentie in het buitenland.

De uitspraak benadrukt het belang van het aanwezigheidsrecht en de noodzaak om verstek alleen te verlenen als de verdachte daadwerkelijk afstand heeft gedaan van zijn recht om aanwezig te zijn.

Uitkomst: Het arrest van het hof wordt vernietigd en de zaak wordt terugverwezen voor nieuwe behandeling in aanwezigheid van de verdachte.

Uitspraak

HOGE RAAD DER NEDERLANDEN
STRAFKAMER
Nummer20/01503
Datum13 april 2021
ARREST
op het beroep in cassatie tegen een arrest van het gerechtshof 's-Hertogenbosch van 8 juli 2019, nummer 20-003280-17, in de strafzaak
tegen
[verdachte] ,
geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1992,
hierna: de verdachte.

1.Procesverloop in cassatie

Het beroep is ingesteld door de verdachte. Namens deze heeft D.R. Kops, advocaat te Breukelen UT, bij schriftuur een cassatiemiddel voorgesteld. De schriftuur is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.
De advocaat-generaal T.N.B.M. Spronken heeft geconcludeerd tot vernietiging van het bestreden arrest en tot terugwijzing van de zaak naar het gerechtshof ’s-Hertogenbosch, opdat deze op het bestaande hoger beroep opnieuw wordt berecht en afgedaan.

2.Beoordeling van het cassatiemiddel

2.1
Het cassatiemiddel stelt dat het hof ten onrechte verstek heeft verleend tegen de nietverschenen verdachte. Het voert daartoe aan dat de verdachte tijdens de behandeling van zijn zaak op de terechtzitting in hoger beroep in verband met een andere strafzaak was gedetineerd en dat hij niet vrijwillig afstand heeft gedaan van zijn recht om bij de behandeling van zijn zaak aanwezig te zijn.
2.2
Het cassatiemiddel slaagt. De redenen daarvoor staan vermeld in de conclusie van de advocaat-generaal onder 2.3 en 2.5.

3.Beslissing

De Hoge Raad:
- vernietigt de uitspraak van het hof;
- wijst de zaak terug naar het gerechtshof ’s-Hertogenbosch, opdat de zaak opnieuw wordt berecht en afgedaan.
Dit arrest is gewezen door de vice-president J. de Hullu als voorzitter, en de raadsheren E.S.G.N.A.I. van de Griend en A.E.M. Röttgering, in bijzijn van de waarnemend griffier H.J.S. Kea, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van
13 april 2021.