ECLI:NL:HR:2021:546
Hoge Raad
- Artikel 80a RO-zaken
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad verklaart beroep in cassatie niet-ontvankelijk in motorrijtuigenbelastingzaak
Belanghebbende was in hoger beroep gegaan tegen een uitspraak van de Rechtbank Den Haag inzake een naheffingsaanslag en boetebeschikking motorrijtuigenbelasting over de periode 22 november 2016 tot en met 21 februari 2017. Het Gerechtshof Den Haag heeft de zaak behandeld en uitspraak gedaan op 3 mei 2019.
Belanghebbende heeft vervolgens beroep in cassatie ingesteld bij de Hoge Raad. De Hoge Raad ontving verzoeken tot wraking van de leden die de zaak behandelden, welke zijn afgewezen dan wel buiten behandeling gesteld. Door het defungeren van een lid is de samenstelling van de kamer gewijzigd.
Na beoordeling van de ontvankelijkheid en inhoudelijke klachten is geconcludeerd dat het cassatieberoep duidelijk niet kan slagen. De Hoge Raad maakt daarom gebruik van artikel 80a RO en verklaart het beroep niet-ontvankelijk zonder verdere motivering. Er is geen veroordeling in proceskosten opgelegd.
Uitkomst: Het beroep in cassatie wordt niet-ontvankelijk verklaard met toepassing van artikel 80a RO.