Uitspraak
1.Procesverloop in cassatie
2.Beoordeling van de ontvankelijkheid van het beroep
3.Beslissing
20 april 2021.
Hoge Raad
In deze zaak heeft de veroordeelde cassatieberoep ingesteld tegen een beschikking van het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden van 17 februari 2020, waarin een vordering van de advocaat-generaal ex artikel 577c (oud) Wetboek van Strafvordering tot verlof tot lijfsdwang werd toegewezen.
De Hoge Raad heeft beoordeeld of het cassatieberoep ontvankelijk is. Op grond van artikel 445 Wetboek Pro van Strafvordering is cassatieberoep tegen beschikkingen slechts mogelijk in de gevallen die het wetboek zelf bepaalt. In dit geval ontbreekt een dergelijke wettelijke bepaling voor de beschikking tot verlof tot lijfsdwang.
Ook in andere wetgeving is geen grondslag gevonden die cassatieberoep tegen deze beschikking toestaat. De advocaat-generaal merkte op dat de Wet Uniforme Strafvordering geen verandering heeft gebracht in het stelsel van rechtsmiddelen tegen beschikkingen.
Daarom heeft de Hoge Raad het cassatieberoep van de veroordeelde niet-ontvankelijk verklaard en het beroep niet in behandeling genomen.
Uitkomst: Het cassatieberoep tegen de beschikking tot verlof tot lijfsdwang is niet-ontvankelijk verklaard.