ECLI:NL:HR:2021:717
Hoge Raad
- Artikel 80a RO-zaken
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad verklaart verzoek tot herziening niet-ontvankelijk in belastingzaak
In deze zaak heeft belanghebbende een verzoek tot herziening ingediend tegen een eerder arrest van de Hoge Raad van 26 juni 2020. De Hoge Raad heeft dit verzoek zorgvuldig beoordeeld, waarbij ook de procureur-generaal de gelegenheid kreeg een advies uit te brengen.
De Hoge Raad heeft geoordeeld dat het verzoek tot herziening duidelijk niet kan slagen en heeft daarom op grond van artikel 80a van de Wet op de rechterlijke organisatie besloten het verzoek zonder verdere motivering niet-ontvankelijk te verklaren. Tevens is besloten dat er geen aanleiding is om proceskosten aan belanghebbende toe te rekenen.
Het arrest is uitgesproken door de raadsheren P.M.F. van Loon (voorzitter), E.F. Faase en J.A.R. van Eijsden, en in het openbaar uitgesproken op 7 mei 2021. Hiermee is het verzoek tot herziening definitief afgewezen.
Uitkomst: Het verzoek tot herziening wordt niet-ontvankelijk verklaard zonder verdere motivering.