Uitspraak
1.Procesverloop in cassatie
2.Beoordeling van het eerste en het tweede cassatiemiddel
3.Beoordeling van het derde cassatiemiddel
4.Beslissing
18 mei 2021.
Hoge Raad
De Hoge Raad behandelde het cassatieberoep van verdachte tegen het arrest van het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden in een zaak over gewoontewitwassen van €360.000. De advocaat-generaal adviseerde vernietiging van het arrest uitsluitend wat betreft de strafmaat, met vermindering van de gevangenisstraf tot de gebruikelijke maatstaf, en verwerping van het beroep voor het overige.
De Hoge Raad oordeelde dat de klachten over het hofarrest niet tot vernietiging konden leiden, behalve dat de redelijke termijn zoals bedoeld in artikel 6 lid 1 EVRM Pro was overschreden. Dit kwam doordat de stukken te laat door het hof waren ingezonden en de uitspraak meer dan twee jaar na het instellen van het cassatieberoep volgde.
Als gevolg hiervan vernietigde de Hoge Raad het arrest uitsluitend wat betreft de duur van de gevangenisstraf en verminderde deze tot drie maanden en twee weken. Het beroep werd voor het overige verworpen. Hiermee werd een belangrijke waarborg van het recht op een eerlijk proces bevestigd.
Uitkomst: De gevangenisstraf wordt verminderd tot drie maanden en twee weken wegens overschrijding van de redelijke termijn.