Uitspraak
1.Procesverloop in cassatie
’s-Gravenhage, bij schriftuur een cassatiemiddel voorgesteld. De schriftuur is aan deze beschikking gehecht en maakt daarvan deel uit.
2.Beoordeling van het cassatiemiddel
3.Beslissing
18 mei 2021.
Hoge Raad
De zaak betreft een cassatieberoep van een klager tegen een beschikking van de rechtbank Zeeland-West-Brabant waarin het klaagschrift over het beslag op digitale gegevensdragers werd afgewezen. Het beslag was gelegd naar aanleiding van een Europees onderzoeksbevel van Belgische autoriteiten op telefoons en USB-sticks van de klager.
De klager stelde dat het beslag onterecht werd voortgezet en verzocht om teruggave van de gegevensdragers of kopieën daarvan. De rechtbank oordeelde echter dat het belang van de strafvordering het voortduren van het beslag rechtvaardigt, omdat aannemelijk is dat de gegevensdragers kunnen bijdragen aan het aan de dag brengen van de waarheid.
De Hoge Raad verwijst in haar beschikking naar een samenhangende zaak (ECLI:NL:HR:2021:679) waarin dezelfde overwegingen zijn uitgesproken en concludeert dat het cassatiemiddel niet leidt tot cassatie. Het beroep wordt daarom verworpen.
De beschikking is uitgesproken door de vice-president J. de Hullu als voorzitter en de raadsheren E.S.G.N.A.I. van de Griend en M.J. Borgers op 18 mei 2021.
Uitkomst: Het cassatieberoep wordt verworpen en het beslag op digitale gegevensdragers mag worden voortgezet.