ECLI:NL:HR:2021:745

Hoge Raad

Datum uitspraak
18 mei 2021
Publicatiedatum
18 mei 2021
Zaaknummer
20/01189
Instantie
Hoge Raad
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Strafrecht
Uitkomst
Veroordeling
Procedures
  • Cassatie
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 94 SvArt. 552a Sv
Verwijzingen
6 uitgaand · 3 inkomend
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Verwerping beroep cassatie tegen beslag op digitale gegevensdragers in strafzaak

De zaak betreft een cassatieberoep van een klager tegen een beschikking van de rechtbank Zeeland-West-Brabant waarin het klaagschrift over het beslag op digitale gegevensdragers werd afgewezen. Het beslag was gelegd naar aanleiding van een Europees onderzoeksbevel van Belgische autoriteiten op telefoons en USB-sticks van de klager.

De klager stelde dat het beslag onterecht werd voortgezet en verzocht om teruggave van de gegevensdragers of kopieën daarvan. De rechtbank oordeelde echter dat het belang van de strafvordering het voortduren van het beslag rechtvaardigt, omdat aannemelijk is dat de gegevensdragers kunnen bijdragen aan het aan de dag brengen van de waarheid.

De Hoge Raad verwijst in haar beschikking naar een samenhangende zaak (ECLI:NL:HR:2021:679) waarin dezelfde overwegingen zijn uitgesproken en concludeert dat het cassatiemiddel niet leidt tot cassatie. Het beroep wordt daarom verworpen.

De beschikking is uitgesproken door de vice-president J. de Hullu als voorzitter en de raadsheren E.S.G.N.A.I. van de Griend en M.J. Borgers op 18 mei 2021.

Uitkomst: Het cassatieberoep wordt verworpen en het beslag op digitale gegevensdragers mag worden voortgezet.

Uitspraak

HOGE RAAD DER NEDERLANDEN
STRAFKAMER
Nummer20/01189 Br
Datum18 mei 2021
BESCHIKKING
op het beroep in cassatie tegen een beschikking van de rechtbank Zeeland-West-Brabant van 10 maart 2020, nummer RK 20-001299, op een klaagschrift als bedoeld in artikel 552a van het Wetboek van Strafvordering, ingediend
door
[klager] ,
geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1990,
hierna: de klager.

1.Procesverloop in cassatie

Het beroep is ingesteld door de klager. Namens deze heeft J.S. Nan, advocaat te
’s-Gravenhage, bij schriftuur een cassatiemiddel voorgesteld. De schriftuur is aan deze beschikking gehecht en maakt daarvan deel uit.
De advocaat-generaal A.E. Harteveld heeft geconcludeerd tot verwerping van het beroep.
De raadsman van de klager heeft daarop schriftelijk gereageerd.

2.Beoordeling van het cassatiemiddel

2.1
Het cassatiemiddel klaagt over het oordeel van de rechtbank dat het beklag ongegrond moet worden verklaard. Het keert zich daarbij tegen de overwegingen van de rechtbank dat het belang van strafvordering het voortduren van het beslag op de inbeslaggenomen voorwerpen, waaronder de gegevensdragers, vordert omdat aannemelijk is dat deze voorwerpen kunnen dienen om de waarheid aan de dag te brengen, en dat geen grond bestaat om over te gaan tot teruggave van de gegevensdragers of kopieën van de daarop opgeslagen gegevens aan de klager.
2.2
Het cassatiemiddel leidt niet tot cassatie. De redenen daarvoor staan vermeld in de beschikking dat de Hoge Raad vandaag heeft uitgesproken in de met deze zaak samenhangende zaak 20/01190, ECLI:NL:HR:2021:679.

3.Beslissing

De Hoge Raad verwerpt het beroep.
Deze beschikking is gegeven door de vice-president J. de Hullu als voorzitter, en de raadsheren E.S.G.N.A.I. van de Griend en M.J. Borgers, in bijzijn van de waarnemend griffier E. Schnetz, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van
18 mei 2021.