ECLI:NL:HR:2021:796
Hoge Raad
- Cassatie
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad bevestigt uitspraak Gerechtshof Amsterdam over kosten van vervolging door waterschap
Belanghebbende, een besloten vennootschap, had beroep in cassatie ingesteld tegen een uitspraak van het Gerechtshof Amsterdam waarin het hoger beroep van belanghebbende tegen een uitspraak van de Rechtbank Amsterdam werd behandeld. Het geschil betrof de kosten van vervolging die door het Waterschap Amstel, Gooi en Vecht aan belanghebbende in rekening waren gebracht.
De Hoge Raad heeft de ingebrachte klachten van belanghebbende beoordeeld en geoordeeld dat deze klachten niet leiden tot vernietiging van de uitspraak van het hof. De Hoge Raad heeft daarbij geen motivering gegeven omdat de klachten niet van belang waren voor de eenheid of ontwikkeling van het recht, conform artikel 81, lid 1, van de Wet op de rechterlijke organisatie.
Daarnaast heeft de Hoge Raad geen aanleiding gezien om proceskosten toe te wijzen aan een van de partijen. Het beroep in cassatie is derhalve ongegrond verklaard en de uitspraak van het Gerechtshof Amsterdam blijft in stand.
Het arrest is gewezen door de vice-president en twee raadsheren en in het openbaar uitgesproken op 28 mei 2021.
Uitkomst: Het cassatieberoep van belanghebbende is ongegrond verklaard en de uitspraak van het Gerechtshof Amsterdam bevestigd.