ECLI:NL:HR:2022:1132
Hoge Raad
- Cassatie
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad verklaart beroep in cassatie ongegrond inzake belasting personenauto’s en motorrijwielen
Belanghebbende heeft beroep in cassatie ingesteld tegen een uitspraak van het Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, waarin het hof het hoger beroep van belanghebbende tegen een uitspraak van de Rechtbank Gelderland had behandeld. De zaak betreft een geschil over een door belanghebbende op aangifte voldaan bedrag aan belasting van personenauto’s en motorrijwielen.
De Hoge Raad heeft het ingediende middel beoordeeld en geoordeeld dat dit middel niet kan leiden tot vernietiging van de uitspraak van het hof. De Hoge Raad achtte het niet noodzakelijk om de motivering van dit oordeel te geven, omdat het middel geen vragen opriep die van belang zijn voor de eenheid of de ontwikkeling van het recht, zoals bedoeld in artikel 81, lid 1, van de Wet op de rechterlijke organisatie.
Verder heeft de Hoge Raad geen aanleiding gezien om proceskosten toe te wijzen. Het arrest is gewezen door de vice-president van de Hoge Raad als voorzitter en twee raadsheren, en in het openbaar uitgesproken op 2 september 2022.
Uitkomst: Het beroep in cassatie wordt ongegrond verklaard.