ECLI:NL:HR:2022:1350

Hoge Raad

Datum uitspraak
30 september 2022
Publicatiedatum
29 september 2022
Zaaknummer
22/02380
Instantie
Hoge Raad
Type
Uitspraak
Uitkomst
Niet-ontvankelijk
Procedures
  • Cassatie
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 78 lid 4 Wet op de rechterlijke organisatieMilitaire Ambtenarenwet
Verwijzingen
3 uitgaand · 1 inkomend
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Hoge Raad verklaart beroep in cassatie tegen uitspraak Centrale Raad van Beroep niet-ontvankelijk

Belanghebbende, een gewezen militaire ambtenaar, stelde beroep in cassatie in tegen een uitspraak van de Centrale Raad van Beroep. Deze uitspraak betrof een hoger beroep tegen een uitspraak van de Rechtbank Den Haag.

De Hoge Raad beoordeelde de ontvankelijkheid van het cassatieberoep aan de hand van artikel 78, lid 4, van de Wet op de rechterlijke organisatie. Hieruit volgt dat de Hoge Raad slechts kennis kan nemen van cassatieberoepen tegen bestuursrechterlijke uitspraken voor zover dit bij wet is toegestaan.

Omdat er geen wettelijke bepaling bestaat die cassatie openstelt tegen uitspraken van de Centrale Raad van Beroep betreffende (gewezen) militaire ambtenaren zoals bedoeld in de Militaire Ambtenarenwet, werd het beroep in cassatie niet-ontvankelijk verklaard.

De Hoge Raad zag geen aanleiding om proceskosten toe te wijzen en sprak het arrest uit in aanwezigheid van de raadsheren en de waarnemend griffier op 30 september 2022.

Uitkomst: Het beroep in cassatie wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens ontbreken van wettelijke cassatiemogelijkheid.

Uitspraak

HOGE RAAD DER NEDERLANDEN
BELASTINGKAMER
Nummer22/02380
Datum30 september 2022
ARREST
in de zaak van
[X] te [Z] (hierna: belanghebbende)
tegen
de STAATSSECRETARIS VAN DEFENSIE
op het beroep in cassatie tegen de uitspraak van de Centrale Raad van Beroep van 19 mei 2022, nr. 20/4255 MAW [1] , op het hoger beroep van belanghebbende tegen een uitspraak van de Rechtbank Den Haag (nr. 19/1785).

1.Beoordeling van de ontvankelijkheid van het beroep in cassatie

Ingevolge artikel 78, lid 4, van de Wet op de rechterlijke organisatie neemt de Hoge Raad alleen kennis van het beroep in cassatie tegen uitspraken van de bestuursrechter voor zover dit bij wet is bepaald. Er is geen wettelijke bepaling die beroep in cassatie openstelt tegen een uitspraak van de Centrale Raad van Beroep als deze, die is gedaan ten aanzien van een (gewezen) militaire ambtenaar als bedoeld in de Militaire Ambtenarenwet. Het beroep in cassatie moet daarom niet-ontvankelijk worden verklaard.

2.Proceskosten

De Hoge Raad ziet geen aanleiding voor een veroordeling in de proceskosten.

3.Beslissing

De Hoge Raad verklaart het beroep in cassatie niet-ontvankelijk.
Dit arrest is gewezen door de raadsheer J. Wortel als voorzitter, en de raadsheren P.A.G.M. Cools en A.E.H. van der Voort Maarschalk, in tegenwoordigheid van de waarnemend griffier F. Treuren, en in het openbaar uitgesproken op 30 september 2022.