Uitspraak
1.Procesverloop in cassatie
2.Beoordeling van de cassatiemiddelen
3.Beslissing
1 november 2022.
Hoge Raad
De zaak betreft een cassatieberoep tegen een arrest van het gerechtshof Den Haag waarin verdachte werd veroordeeld voor poging tot uitvoer van hennep en hasjiesj uit Nederland naar België, in strijd met artikel 3.A van de Opiumwet.
De Hoge Raad heeft het beroep van verdachte beoordeeld en geoordeeld dat het hof toereikend gemotiveerd heeft beslist over het standpunt met betrekking tot de bestemming van de drugs. Tevens is vastgesteld dat de bewezenverklaring ten onrechte niet als poging is gekwalificeerd, maar dit leidt niet tot vernietiging van het arrest.
De Hoge Raad heeft het beroep verworpen zonder nadere motivering, omdat de klachten niet leiden tot vernietiging en er geen vragen zijn die van belang zijn voor de eenheid of ontwikkeling van het recht. Hiermee blijft het arrest van het hof in stand.
Uitkomst: De Hoge Raad verwerpt het cassatieberoep en bevestigt de veroordeling voor poging tot uitvoer van hennep en hasjiesj.