ECLI:NL:HR:2022:1669
Hoge Raad
- Artikel 80a RO-zaken
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad verklaart beroep in cassatie niet-ontvankelijk in belastingzaak 2018
Belanghebbende was in hoger beroep gegaan tegen een uitspraak van de Rechtbank Den Haag inzake de aanslag inkomstenbelasting en premie volksverzekeringen over het jaar 2018. Het Gerechtshof Den Haag heeft uitspraak gedaan op het hoger beroep. Vervolgens heeft belanghebbende beroep in cassatie ingesteld bij de Hoge Raad.
De Hoge Raad heeft het cassatieberoep inhoudelijk beoordeeld en is tot het oordeel gekomen dat het beroep duidelijk niet kan slagen. Daarom heeft de Hoge Raad op grond van artikel 80a van de Wet op de rechterlijke organisatie het beroep zonder verdere motivering niet-ontvankelijk verklaard.
Er is geen aanleiding gezien om proceskosten toe te wijzen. Het arrest is gewezen door de raadsheren Wortel, Cools en Van der Voort Maarschalk en op 18 november 2022 in het openbaar uitgesproken.
Uitkomst: Het beroep in cassatie wordt niet-ontvankelijk verklaard op grond van artikel 80a RO.