Uitspraak
1.Procesverloop in cassatie
2.Beoordeling van de cassatiemiddelen
3.Ambtshalve beoordeling van de uitspraak van het hof
4.Beslissing
13 december 2022.
Vrijdag webinar: live demo van Lexboost
Hoge Raad
De zaak betreft de veroordeling van de partner van een oud-minister van Volksgezondheid van Curaçao voor medeplegen van oplichting met betrekking tot een niet-geleverde partij mondkapjes en witwassen van geldbedragen. Het Gemeenschappelijk Hof van Justitie van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba heeft de verdachte veroordeeld tot een gevangenisstraf van 21 maanden.
De verdachte stelde cassatieberoep in tegen het vonnis. De advocaat-generaal adviseerde tot vernietiging van het vonnis uitsluitend wat betreft de strafduur, met vermindering van de straf tot de gebruikelijke maatstaf, en verwerping van het beroep voor het overige. De Hoge Raad heeft de klachten van de verdachte beoordeeld en geoordeeld dat deze niet leiden tot vernietiging van het vonnis, zonder nadere motivering vanwege artikel 81 lid 1 van Pro de Wet op de rechterlijke organisatie.
De Hoge Raad constateerde dat de redelijke termijn zoals bedoeld in artikel 6 lid 1 EVRM Pro was overschreden, aangezien meer dan twee jaar waren verstreken sinds het instellen van het cassatieberoep. Dit leidde tot vermindering van de opgelegde gevangenisstraf van 21 maanden naar twintig maanden. De rest van het beroep werd verworpen.
Het arrest is gewezen door de vice-president J. de Hullu als voorzitter en de raadsheren Y. Buruma en E.S.G.N.A.I. van de Griend, en uitgesproken op 13 december 2022.
Uitkomst: De gevangenisstraf wordt verminderd tot twintig maanden wegens termijnoverschrijding, overige klachten worden verworpen.