ECLI:NL:HR:2022:185
Hoge Raad
- Cassatie
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad verklaart beroep in cassatie niet-ontvankelijk in zaak Participatiewet
Belanghebbende heeft beroep in cassatie ingesteld tegen een uitspraak van de Rechtbank Den Haag inzake een verzet tegen een uitspraak op grond van artikel 8:54 Awb Pro over de Participatiewet. De Hoge Raad heeft beoordeeld of het beroep in cassatie ontvankelijk is.
Volgens artikel 78, lid 4, van de Wet op de rechterlijke organisatie kan de Hoge Raad alleen kennisnemen van cassatieberoepen die bij wet zijn toegestaan. In deze zaak is geen wettelijke bepaling die cassatie openstelt tegen uitspraken van de Rechtbank Den Haag op verzet tegen uitspraken met toepassing van artikel 8:54 Awb Pro.
Daarom verklaart de Hoge Raad het beroep in cassatie niet-ontvankelijk. Er is geen veroordeling in proceskosten opgelegd en het betaalde griffierecht wordt aan belanghebbende teruggegeven.
Uitkomst: Het beroep in cassatie wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens ontbreken van wettelijke basis.