Uitspraak
1.Procesverloop in cassatie
2.Beoordeling van het eerste cassatiemiddel
3.Beoordeling van het tweede cassatiemiddel
4.Beoordeling van het derde cassatiemiddel
5.Beslissing
13 december 2022.
Hoge Raad
De zaak betreft een cassatieberoep tegen een arrest van het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden waarin verdachte werd veroordeeld voor poging tot moord en een maatregel strekkende tot gedragsbeïnvloeding werd opgelegd. Het hof legde tevens een gevangenisstraf van tien jaren op. De verdachte betoogde onder meer dat het hof ten onrechte geen recent reclasseringsadvies had overgelegd bij de oplegging van de maatregel.
De Hoge Raad oordeelt dat hoewel de wetgever het wenselijk acht dat de rechter bij de beoordeling van het toekomstig recidiverisico over een recent reclasseringsadvies beschikt, de wet niet vereist dat de rechter zich verplicht een dergelijk advies laat overleggen bij ambtshalve oplegging van de maatregel. De rechter kan zijn inschatting baseren op andere rapporten of gegevens. Wel geldt dat bij de latere tenuitvoerlegging altijd een recent en gemotiveerd reclasseringsrapport moet worden overgelegd.
Daarnaast stelde de Hoge Raad vast dat de redelijke termijn voor de cassatieprocedure was overschreden, wat leidt tot vermindering van de opgelegde gevangenisstraf van tien jaren naar negen jaren en vijftig weken. Het beroep werd voor het overige verworpen, waarmee het hof in stand bleef wat betreft de maatregel en de overige veroordelingen.
Uitkomst: De Hoge Raad bevestigt de maatregel gedragsbeïnvloeding zonder recent reclasseringsadvies en vermindert de gevangenisstraf tot negen jaren en vijftig weken wegens termijnoverschrijding.