Vrijdag webinar: live demo van Lexboost

ECLI:NL:HR:2022:300

Hoge Raad

Datum uitspraak
25 februari 2022
Publicatiedatum
24 februari 2022
Zaaknummer
21/04609
Instantie
Hoge Raad
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Civiel recht
Uitkomst
Afwijzend
Procedures
  • Cassatie
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 81 lid 1 Wet op de rechterlijke organisatieArt. 10:3 WvggzArt. 10:7 WvggzArt. 8:9 Wvggz
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Verwerping cassatieberoep tegen beschikking rechtbank inzake dwangmedicatie en klachtprocedure Wvggz

Betrokkene heeft cassatieberoep ingesteld tegen een beschikking van de rechtbank Gelderland van 30 september 2021, waarin een geschil over dwangmedicatie en de klachtprocedure onder de Wet verplichte geestelijke gezondheidszorg (Wvggz) aan de orde was. De rechtbank had een beschikking gegeven over de maximale duur van dwangmedicatie en de toepassing van de klachtprocedure zoals geregeld in de artikelen 10:3, 10:7 en 8:9 Wvggz.

De Hoge Raad heeft de klachten van betrokkene tegen deze beschikking beoordeeld. De conclusie van de Advocaat-Generaal was dat het beroep verworpen moest worden. De Hoge Raad volgde dit advies en oordeelde dat de klachten niet konden leiden tot vernietiging van de beschikking. Daarbij was het niet nodig om inhoudelijk in te gaan op de rechtsvragen, omdat deze niet van belang waren voor de eenheid of ontwikkeling van het recht, conform artikel 81 lid 1 van Pro de Wet op de rechterlijke organisatie.

De Hoge Raad heeft het beroep formeel verworpen en de beschikking van de rechtbank gehandhaafd. De uitspraak werd gedaan door de raadsheren Tanja-van den Broek, du Perron, Schaafsma en uitgesproken door Wattendorff op 25 februari 2022.

Uitkomst: De Hoge Raad verwerpt het cassatieberoep en bevestigt de beschikking van de rechtbank Gelderland.

Uitspraak

HOGE RAAD DER NEDERLANDEN
CIVIELE KAMER
Nummer21/04609
Datum25 februari 2022
BESCHIKKING
In de zaak van
[betrokkene],
wonende te [woonplaats],
VERZOEKER tot cassatie,
hierna: betrokkene,
advocaat: C. Reijntjes-Wendenburg,
tegen
GGNET,
gevestigd te Warnsveld,
VERWEERSTER in cassatie,
hierna: GGNet,
niet verschenen.
1. Procesverloop
Voor het verloop van het geding in feitelijke instantie verwijst de Hoge Raad naar de beschikking in de zaak C/05/392955 / FZ RK 21/2476 van de rechtbank Gelderland van 30 september 2021.
Betrokkene heeft tegen de beschikking van de rechtbank beroep in cassatie ingesteld. De procesinleiding is aan deze beschikking gehecht.
GGNet heeft geen verweerschrift ingediend.
De conclusie van de Advocaat-Generaal B.J. Drijber strekt tot verwerping van het beroep.

2.Beoordeling van het middel

De Hoge Raad heeft de klachten over de beschikking van de rechtbank beoordeeld. De uitkomst hiervan is dat deze klachten niet kunnen leiden tot vernietiging van die beschikking. De Hoge Raad hoeft niet te motiveren waarom hij tot dit oordeel is gekomen. Bij de beoordeling van deze klachten is het namelijk niet nodig om antwoord te geven op vragen die van belang zijn voor de eenheid of de ontwikkeling van het recht (zie artikel 81 lid 1 van Pro de Wet op de rechterlijke organisatie).

3.Beslissing

De Hoge Raad verwerpt het beroep.
Deze beschikking is gegeven door de raadsheren T.H. Tanja-van den Broek, als voorzitter, C.E. du Perron en S.J. Schaafsma, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer H.M. Wattendorff op
25 februari 2022.