Uitspraak
wonende te [woonplaats],
kantoorhoudende te Helmond,
1.Procesverloop
2.Beoordeling van het middel
3.Beslissing
18 maart 2022.
Hoge Raad
In deze zaak heeft de moeder cassatieberoep ingesteld tegen een beschikking van het gerechtshof 's-Hertogenbosch betreffende een machtiging tot uithuisplaatsing van haar kind. De procedure betrof toepassing van artikel 1:265b BW en verzoeken tot deskundigenonderzoek en het horen van het kind volgens artikel 810a lid 2 Rv.
De Hoge Raad heeft de klachten van de moeder beoordeeld, maar geoordeeld dat deze niet leiden tot vernietiging van de beschikking van het hof. De Hoge Raad heeft daarbij geen motivering gegeven omdat beantwoording van de vragen niet noodzakelijk was voor de eenheid of ontwikkeling van het recht, conform artikel 81 lid 1 RO Pro.
De Advocaat-Generaal had eerder geadviseerd het cassatieberoep te verwerpen, waarop de moeder schriftelijk heeft gereageerd. De GI heeft geen verweerschrift ingediend. De beschikking is op 18 maart 2022 in het openbaar uitgesproken door de raadsheer Wattendorff, onder voorzitterschap van vicepresident Kroeze en met raadsheren Sieburgh en Makkink.
Uitkomst: De Hoge Raad verwerpt het cassatieberoep en bevestigt de beschikking van het hof inzake de machtiging tot uithuisplaatsing.