ECLI:NL:HR:2022:541
Hoge Raad
- Cassatie
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad verklaart beroep in cassatie ongegrond inzake belasting van personenauto's en motorrijwielen
Belanghebbende, een besloten vennootschap, had beroep in cassatie ingesteld tegen een uitspraak van het Gerechtshof Amsterdam die het hoger beroep behandelde over door belanghebbende op aangifte voldane bedragen aan belasting van personenauto's en motorrijwielen. De Staatssecretaris van Financiën voerde verweer. De Hoge Raad heeft de ingediende middelen beoordeeld en geoordeeld dat deze niet leiden tot vernietiging van het hofarrest. De Hoge Raad achtte het niet noodzakelijk om de motieven van zijn oordeel nader toe te lichten, omdat de beoordeling niet van belang is voor de eenheid of ontwikkeling van het recht, conform artikel 81, lid 1, van de Wet op de rechterlijke organisatie.
De Hoge Raad zag geen aanleiding om proceskosten toe te wijzen en verklaarde het beroep in cassatie ongegrond. Het arrest werd gewezen door de vice-president als voorzitter en twee raadsheren, en in het openbaar uitgesproken op 8 april 2022.
Uitkomst: Het beroep in cassatie van belanghebbende is ongegrond verklaard.