ECLI:NL:HR:2022:543
Hoge Raad
- Cassatie
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad verklaart cassatieberoep ongegrond in belastingzaak personenauto’s en motorrijwielen
Belanghebbende heeft tegen een uitspraak van het Gerechtshof Den Haag in hoger beroep cassatie ingesteld bij de Hoge Raad. De zaak betreft een door belanghebbende op aangifte voldaan bedrag aan belasting van personenauto’s en motorrijwielen.
De Hoge Raad heeft de ingediende middelen beoordeeld maar geoordeeld dat deze niet leiden tot vernietiging van de uitspraak van het Hof. Daarbij is overwogen dat het niet nodig is om inhoudelijk te motiveren, omdat de vragen niet van belang zijn voor de eenheid of ontwikkeling van het recht, conform artikel 81 lid 1 van Pro de Wet op de rechterlijke organisatie.
De Hoge Raad ziet geen aanleiding om proceskosten toe te wijzen en verklaart het cassatieberoep ongegrond. Het arrest is gewezen door de vice-president als voorzitter en twee raadsheren, en in het openbaar uitgesproken op 8 april 2022.
Uitkomst: Het cassatieberoep van belanghebbende wordt ongegrond verklaard.