ECLI:NL:HR:2022:732
Hoge Raad
- Cassatie
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad verklaart beroep in cassatie ongegrond inzake naheffingsaanslag personenauto’s en motorrijwielen
Belanghebbende heeft tegen een uitspraak van het Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden beroep in cassatie ingesteld inzake een aan hem opgelegde naheffingsaanslag in de belasting van personenauto’s en motorrijwielen. De zaak betrof een geschil over de rechtmatigheid van deze aanslag.
De Hoge Raad heeft de ingediende middelen beoordeeld en geoordeeld dat deze niet leiden tot vernietiging van het hofarrest. Omdat de beoordeling geen vragen van belang voor de eenheid of ontwikkeling van het recht opriep, was een nadere motivering niet vereist volgens artikel 81, lid 1, van de Wet op de rechterlijke organisatie.
De Hoge Raad heeft het beroep in cassatie ongegrond verklaard en zag geen aanleiding om proceskosten toe te wijzen. Hiermee blijft het hofarrest in stand en is de naheffingsaanslag rechtsgeldig.
Het arrest is gewezen door de vice-president als voorzitter en twee raadsheren, in aanwezigheid van de waarnemend griffier, en in het openbaar uitgesproken op 20 mei 2022.
Uitkomst: Het cassatieberoep wordt ongegrond verklaard en het hofarrest blijft in stand.