ECLI:NL:HR:2023:107

Hoge Raad

Datum uitspraak
31 januari 2023
Publicatiedatum
27 januari 2023
Zaaknummer
21/02734
Instantie
Hoge Raad
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Strafrecht
Uitkomst
Veroordeling
Procedures
  • Cassatie
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 311 lid 1 sub 4 SrArt. 311 lid 1 sub 5 SrArt. 81 lid 1 RO
Verwijzingen
3 uitgaand · 1 inkomend
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Hoge Raad verwerpt cassatieberoep inzake medeplegen diefstal met valse sleutels

De zaak betreft een cassatieberoep van verdachte tegen een arrest van het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden van 29 juni 2021, waarin verdachte werd veroordeeld voor medeplegen van diefstal en diefstal met behulp van valse sleutels. De verdediging heeft via haar advocaat een cassatiemiddel ingediend. De advocaat-generaal heeft geconcludeerd tot verwerping van het beroep.

De Hoge Raad heeft dit cassatiemiddel beoordeeld en geoordeeld dat de klachten van verdachte niet leiden tot vernietiging van het hofarrest. De Hoge Raad achtte het niet noodzakelijk om de motieven van het oordeel nader toe te lichten, omdat de vragen niet van belang zijn voor de eenheid of ontwikkeling van het recht, conform artikel 81 lid 1 van Pro de Wet op de rechterlijke organisatie.

Het arrest is uitgesproken op 31 januari 2023 door de vice-president van den Brink als voorzitter en de raadsheren Claassens en Kooijmans. Het beroep is verworpen, waarmee het hofarrest in stand blijft.

Uitkomst: Het cassatieberoep wordt verworpen en het hofarrest blijft in stand.

Uitspraak

HOGE RAAD DER NEDERLANDEN
STRAFKAMER
Nummer21/02734
Datum31 januari 2023
ARREST
op het beroep in cassatie tegen een arrest van het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden van 29 juni 2021, nummer 21-004885-19, in de strafzaak
tegen
[verdachte] ,
geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1989,
hierna: de verdachte.

1.Procesverloop in cassatie

Het beroep is ingesteld door de verdachte. Namens deze heeft A.M.J. Comans, advocaat te Utrecht, bij schriftuur een cassatiemiddel voorgesteld. De schriftuur is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.
De advocaat-generaal D.J.M.W. Paridaens heeft geconcludeerd tot verwerping van het beroep.

2.Beoordeling van het cassatiemiddel

De Hoge Raad heeft de klachten over de uitspraak van het hof beoordeeld. De uitkomst hiervan is dat deze klachten niet kunnen leiden tot vernietiging van die uitspraak. De Hoge Raad hoeft niet te motiveren waarom hij tot dit oordeel is gekomen. Bij de beoordeling van deze klachten is het namelijk niet nodig om antwoord te geven op vragen die van belang zijn voor de eenheid of de ontwikkeling van het recht (zie artikel 81 lid 1 van Pro de Wet op de rechterlijke organisatie).

3.Beslissing

De Hoge Raad verwerpt het beroep.
Dit arrest is gewezen door de vice-president V. van den Brink als voorzitter, en de raadsheren J.C.A.M. Claassens en T. Kooijmans, in bijzijn van de waarnemend griffier B.C. Broekhuizen-Meuter, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van
31 januari 2023.