ECLI:NL:HR:2023:112
Hoge Raad
- Artikel 80a RO-zaken
- Rechtspraak.nl
Verzoek om herziening arrest Hoge Raad afgewezen op grond van artikel 80a RO
Belanghebbende heeft een verzoek tot herziening ingediend tegen het arrest van de Hoge Raad van 25 maart 2022 (ECLI:NL:HR:2022:431). De Hoge Raad heeft dit verzoek beoordeeld en daarbij het advies van de procureur-generaal betrokken.
De Hoge Raad is tot het oordeel gekomen dat het verzoek om herziening duidelijk niet kan slagen. Daarom heeft de Hoge Raad gebruikgemaakt van de mogelijkheid om het beroep zonder verdere motivering niet-ontvankelijk te verklaren, conform artikel 80a van de Wet op de rechterlijke organisatie.
Er is geen aanleiding gezien om proceskosten toe te wijzen. Het arrest is gewezen door de vice-president M.E. van Hilten als voorzitter en de raadsheren E.N. Punt en J.A.R. van Eijsden, en in het openbaar uitgesproken op 27 januari 2023.
Uitkomst: Het verzoek om herziening is niet-ontvankelijk verklaard op grond van artikel 80a RO.