Uitspraak
2. de STAAT (de MINISTER VAN JUSTITIE EN VEILIGHEID)
Hoge Raad
Belanghebbende, een besloten vennootschap, was in geschil met de Staatssecretaris van Financiën en de Staat over een informatiebeschikking die was opgelegd. Na een uitspraak van de Rechtbank Zeeland-West-Brabant en het Gerechtshof 's-Hertogenbosch, stelde belanghebbende beroep in cassatie in bij de Hoge Raad.
De Hoge Raad heeft de klachten van belanghebbende beoordeeld maar geoordeeld dat deze niet leiden tot vernietiging van de uitspraak van het hof. Vanwege artikel 81 lid 1 van Pro de Wet op de rechterlijke organisatie was het niet nodig om inhoudelijk op de klachten in te gaan of motivering te geven.
De Hoge Raad heeft het beroep in cassatie ongegrond verklaard en zag geen aanleiding om proceskosten toe te wijzen. Het arrest is gewezen door de vice-president en twee raadsheren en op 8 september 2023 in het openbaar uitgesproken.
Uitkomst: Het beroep in cassatie wordt ongegrond verklaard zonder verdere motivering.