ECLI:NL:HR:2023:1241
Hoge Raad
- Cassatie
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad verklaart beroep in cassatie ongegrond inzake naheffingsaanslag motorrijtuigenbelasting
Belanghebbende stelde cassatieberoep in tegen het arrest van het Gerechtshof 's-Hertogenbosch van 18 mei 2022, waarin het hof het hoger beroep van de Inspecteur en het incidentele hoger beroep van belanghebbende tegen een uitspraak van de Rechtbank Zeeland-West-Brabant inzake een naheffingsaanslag motorrijtuigenbelasting behandelde.
De Hoge Raad heeft de ingebrachte klachten tegen het arrest van het hof beoordeeld en geoordeeld dat deze niet leiden tot vernietiging van het arrest. De Hoge Raad heeft daarbij geen motivering gegeven omdat het oordeel niet van belang is voor de eenheid of ontwikkeling van het recht, zoals bepaald in artikel 81, lid 1, van de Wet op de rechterlijke organisatie.
Verder heeft de Hoge Raad geen aanleiding gezien om proceskosten toe te wijzen. Het arrest is gewezen door de vice-president als voorzitter en twee raadsheren en in het openbaar uitgesproken op 15 september 2023.
Uitkomst: Het beroep in cassatie wordt ongegrond verklaard en het arrest van het hof bevestigd.