ECLI:NL:HR:2023:1324
Hoge Raad
- Cassatie
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad verklaart beroep in cassatie niet-ontvankelijk wegens niet betaling griffierecht
Belanghebbende heeft beroep in cassatie ingesteld tegen een uitspraak van het Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden. Voor de behandeling van het beroep moest griffierecht worden betaald. Belanghebbende deed een beroep op betalingsonmacht en overhandigde een verklaring omtrent afwezigheid van vermogen, maar leverde geen recente inkomensgegevens aan.
De griffier van de Hoge Raad heeft belanghebbende meerdere malen in de gelegenheid gesteld om het griffierecht te voldoen of nadere gegevens te verstrekken. Na het uitblijven van betaling en reactie is belanghebbende bij aangetekende brief gewezen op de verschuldigdheid van het griffierecht en een termijn van vier weken gesteld. Deze brief is door belanghebbende afgehaald.
Vervolgens is belanghebbende via het digitale dossier en per e-mail in de gelegenheid gesteld om een toelichting te geven op het niet betalen van het griffierecht. Ook hierop is geen reactie ontvangen. Op grond van artikel 8:41, lid 6, Awb verklaart de Hoge Raad het beroep in cassatie niet-ontvankelijk. De Hoge Raad ziet geen aanleiding voor proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Het beroep in cassatie wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens het niet voldoen van het griffierecht.