ECLI:NL:HR:2023:1395
Hoge Raad
- Cassatie
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad verklaart beroep in cassatie niet-ontvankelijk wegens niet betaling griffierecht
Belanghebbende heeft beroep in cassatie ingesteld tegen een uitspraak van het Gerechtshof Den Haag. Voor het beroep moest griffierecht worden betaald. De griffier van de Hoge Raad heeft belanghebbende meerdere malen verzocht het formulier over inkomen en vermogen in te dienen om een beroep op betalingsonmacht te beoordelen. Dit formulier is niet binnen de gestelde termijn ingediend.
Vervolgens is belanghebbende bij aangetekende brief gewezen op de verschuldigdheid van het griffierecht en is een betalingstermijn gesteld. Ondanks ontvangst van deze brief is het griffierecht niet voldaan. De griffier heeft daarop via het digitale dossier en per e-mail belanghebbende in de gelegenheid gesteld te verklaren waarom het griffierecht niet is betaald. Belanghebbende heeft geen gebruik gemaakt van deze mogelijkheid.
Op grond van artikel 8:41, lid 6, Awb verklaart de Hoge Raad het beroep in cassatie niet-ontvankelijk. Er is geen aanleiding voor een veroordeling in proceskosten. Het arrest is gewezen door de vice-president en twee raadsheren en in het openbaar uitgesproken op 6 oktober 2023.
Uitkomst: Het beroep in cassatie wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens niet betaling van het griffierecht.